RSG Zuidlaren
Ritmische Gymnastiek
Nijntje diploma
Agenda
Nieuws
Foto's
Filmpjes
Gastenboek


Ritmische Gymnastiek is een combinatie van dans, acrobatische bewegingen en choreografie met de matieralen knots, touw, hoepel, lint en bal dat in het begin van de 20e eeuw (bijna gelijktijdig) in zowel in Duitsland als Zweden is ontstaan.
Sinds 1962 heeft de FIG (Federation Internationale de Gymnastique) Ritmische Gymnastiek als apart onderdeel erkend in de wereld van gymnastiek waarbij het in 1984 ook een Olympische sport is geworden.

Tijdens wedstrijden worden de oefeningen (choreografie) zowel individueel, in duo of met een groep op muziek uitgevoerd ten overstaan van een jury. Deze jury beoordeeld de oefening aan de hand van een puntensysteem welke vooraf is vastgelegd. Gedurende de oefening wordt deze beoordeeld op techniek (moeililjkheidsgraad), uitvoering (expressiviteit, virtuositeit en puntenaftrek voor fouten) en artistieke waarde (ritmiek, continuiteit en harmonie). Elke oefening (ongeacht het gebruik van bijbehorend materiaal) moet een aantal basisfiguren bevatten als sprong- en draaibegewingen en bewegingen welke leningheid en evenwicht laten zien.

Knots
Een paar knotsen is tegenwoordig gemaakt van gummy (vroeger hout) en dient 50 - 60 cm groot te zijn met een gewicht van 150 gram (per knots). Tijdens een oefening kunnen deze tijdens een element o.a. (synchroon of a-symetrisch) worden gegooid/gevangen, kunnen er 'molentjes' mee worden gedraaid of kunnen ze worden geklemd tussen ledematen.

Touw
Een touw staat in lengte in verhouding met de gymnaste waardoor het voor elke gymnaste handelbaar wordt om de sprongen, gooien, rotaties e.d. uit te voeren. Aan beide uiteinden zitten knopen waardoor het voor de gymnaste makkelijker wordt deze technieken uit te voeren.

Hoepel
Voor een volwassen gymnaste behoort de hoepel een diameter van 80 - 90 cm te hebben, voor kinderen kan en mag deze kleiner zijn. De hoepel weegt 300 gram en is gemaakt van plastic of synthetisch materiaal. Met de hoepel kan tijdens de oefening worden gedraaid (om hand, been, nek, middel of voet), gegooid (met hand, , been, voet of rug) of gerold.

Lint
Het satijnen lint dient 4 - 6 cm breed te zijn en heeft een lengte van 6 meter. Aan het uiteinde van het lint zit een stokje van 50 - 60 cm waarmee de gymnaste de handelingen verricht. Van essentieel belang gedurende een lintoefening is dat deze niet stil komt te liggen maar continu in beweging wordt gehouden. Dat kan doormiddel van het maken van figuren (zwaaien, rotaties etc.) in combinatie met de uit te voeren elementen als sprongen, pirouettes, evenwichten en lenigheid.

Bal
De (kunststoffen) bal weegt 400 gram en dient een diameter van 18 - 20 cm te hebben. Hiermee kan tijdens het uitvoeren van de oefening worden gerold (over ledematen als armen, benen en rug) gegooid en gestuit.

 

RSG Zuidlaren is zowel op recreatief- als op wedstrijdniveau actief:

Tijdens de recreatieve lessen worden basisvaardigheden van het materiaal, lenigheid en behendigheid aangeleerd in combinatie met sport & spel.

Bij de selectie-groep worden bovengenoemde oefeningen aangeleerd (met daarin de basisvaardigheden, behendigheid en leningheid verwerkt) en wordt er getraind voor de wedstrijden die zowel in het noorden als op landelijk niveau plaatsvinden. De gymnastes kunnen zowel individueel, in duo of met een groep deelnemen aan deze wedstrijden.

Kijk bij 'lestijden' voor ons rooster!

Proefles bijhouden? Mail naar proefles@rsgzuidlaren.nl.



Meer info? Mail naar  |  info@rsgzuidlaren.nl